donderdag 7 juni 2012
Van Oranje crisis tot apocalyps
Voor even zit de Nederlandse economie in een oranje wolk. Plasmaschermen vliegen de winkels uit, EK-gadgets worden je bij elke kassa opgedrongen en bier en chips worden massaal gehamsterd. De crisis lijkt voor even vergeten. Brood en spelen – het werkt al 2000 jaar – als vlucht uit de harde werkelijkheid. Maar als wij er straks in de kwartfinale uitvliegen – inderdaad, dit wordt een zwart scenario – zal de klap alleen maar harder zijn. Want wie wil dan nog een tweedehands plasmascherm met oranje vlekken?
Om de crisis te bedwingen worden voortdurend nieuwe maatregelen bedacht: de omvang van het Europees steunfonds wordt vergroot (naast de Grieken eventueel ook de Italianen, Spanjaarden, Portugezen), het doel wordt verbreed (naast landen nu ook banken) en vanuit Brussel bepleit men steeds zwaardere centrale bevoegdheden. Dat alles om de geruststellende illusie te wekken dat tenminste iemand iets onder controle heeft. Tevergeefs, want de laatste maanden is maar één ding duidelijk geworden: niet Brussel of Den Haag, maar de markt regeert. De markt van speculanten, consumenten en kiezers. Ondanks alle reddingspogingen ligt Griekenland nu op de rand van faillissement en dreigt een exit uit de Eurozone. Vaarwel ∑uro, hallo Drachme. En als de financiële markten hier niet voor zorgen, dan zijn het wel de Griekse kiezers. Want wat er in alle scenario’s steevast wordt vergeten is de eigen dynamiek van sociale en politieke ontwikkelingen. Ontwikkelingen die elkaar zodanig kunnen versterken, dat er processen op gang komen die niemand individueel zou hebben gewenst. Een doomsday scenario.
Ondanks vertrouwenwekkende bezuinigingsplannen is de rente op Spaanse en Italiaanse staatsobligaties torenhoog. Met een krimpende economie houdt geen enkel land dat vol. Tegelijkertijd zijn Spanje en Italië te groot om door Europa van een faillissement te worden gered.
Na de Grieken zullen ook de Spanjaarden en Italianen hun eurotegoeden veilig willen stellen door ze weg te halen bij de onbetrouwbare nationale banken. De in gevaar verkerende Spaanse en Italiaanse banken zijn echter te groot om door de landen zelf te worden gered. Vandaar dat men dan onvermijdelijk bij Europa uitkomt.
Die bizarre situatie doet zich echter in elk land van de eurozone voor: de bankensector is te omvangrijk om door de eigen nationale economie te worden opgevangen. Dat betekent dat er op Europees niveau al geruime tijd een spelletje blufpoker wordt gespeeld, met Europa en het steunfonds als een soort bordkartonnen voorgevel met marmeren stoep en bladgoud op de deur, en daarachter een stinkend moeras van aan bederf onderhevige valuta, pandbrieven en schuldbekentenissen. Hoe lang blijft het reddingsverhaal nog geloofwaardig?
Inmiddels is na de Franse banken ook zelfs de rating van de Duitse banken naar beneden bijgesteld. Niet-Europese banken kopen inmiddels geen (goedkope!) euro’s meer aan. Is de boel aan het schuiven?
Een beginnend economisch herstel zou een lichtpuntje kunnen vormen, maar dat is nu juist ver te zoeken. De economie krimpt en de grootste bezuinigingen en ontslaggolven moeten nog komen. Ondanks feestdagen en EK-koorts is in heel Europa de omzet van de detailhandel fors gedaald. En ook de landen buiten Europa merken nu de gevolgen van de dalende koopkracht op de Europese markt. De wereldhandel stagneert en de dubbele dip in de economie dreigt een blijvertje te worden. De sociale gevolgen van zo’n ontwikkeling laten zich raden. In Zuid-Europa is de werkloosheid al historisch hoog en nadert de jeugdwerkloosheid de 50%. Met name dat laatste is doorgaans een beproefd recept voor sociale onrust en politieke radicalisering. Dat zal doorwerken in eventuele (afgedwongen) verkiezingen. Voeg daarbij een anti-Europees sentiment en het politieke draagvlak voor de Europese Unie, de eurozone en de euro kalft af..
Als we nu alle geruststellende verhalen even vergeten en we voegen nog wat natuurrampen en onheilsvoorspellingen toe, dan valt er voor het najaar van 2012 een mooi zwart scenario te schetsen waarop menig thrillerschrijver jaloers zou zijn. Door aanhoudende bezuinigingen en faillissementen, dalende koopkracht en stijgende werkloosheid komt de economie in een triple dip, waarvan het eind voorlopig niet in zicht lijkt. Zoals George Soros begin juni al voorspelde, verzwakt de Duitse economie in het derde kwartaal en vervliegt daarmee de laatste hoop op herstel. De Griekse kiezers stemmen voor een radicale koers en Griekenland verlaat de eurozone. In Europa wordt koortsachtig gewerkt aan de redding van Spaanse, Italiaanse en Franse banken, maar dit leidt niet tot het gewenste vertrouwen bij speculanten, spaarders en consumenten. Bij vervroegde verkiezingen in verschillende (Zuid) Europese landen neemt de invloed van radicale, vaak anti-Europese partijen toe. Het laatste kwartaal van 2012 zijn de grotere Europese steden het toneel van stakingen, demonstraties, rellen en plundering. Buitenlandse investeringen lopen terug en toerisme en binnenlandse bestedingen dalen naar een historisch dieptepunt. Aan de andere kant van de oceaan is begin november het schuldenplafond terug en verworden tot het centrale discussiepunt van de Amerikaanse verkiezingen. In juni had de Republikeinse voorzitter van het Huis van Afgevaardigden al een voorschot genomen op deze situatie. De Federale Bank haalt trucs uit om een faillissement over de jaarwisseling heen te tillen, maar de ratings dalen en de rente stijgt. Ook onder Amerikaanse burgers bereikt het vertrouwen in de regering en de toekomst een naoorlogs dieptepunt. Naast economische crisis en sociale onrust wordt de wereld dat najaar ook nog eens geteisterd door natuurrampen – orkanen, aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, overstromingen, sneeuwstormen. Niet langer de markt, maar de chaos regeert. Wie gaat er dan geen geloof hechten aan een voorspelling van de oude Maya’s, dat op 21 december 2012 de wereld ten einde loopt? In de donkere dagen voor Kerst zullen alle media het thema omarmen en zal iedereen elk nieuw slecht bericht beschouwen als een bevestiging van de juistheid van de voorspelling. Dat is het begin van een self fulfilling prophecy: als mensen denken dat er iets gaat gebeuren, zullen ze daarnaar handelen en daarmee de voorspelling laten uitkomen. Als de Spanjaarden denken dat hun banken op omvallen staan, zullen ze al hun spaartegoeden weghalen en daarmee de val van de bank zelf veroorzaken. Als iedereen denkt dat benzine, drinkwater of blikvoedsel schaars worden, zal men deze gaan hamsteren, totdat inderdaad alles op is. Als alle Europeanen op 20december op de vlucht slaan voor een naderende ramp – welke dan ook – zal de chaos compleet zijn. Is dat te voorkomen? Waarschijnlijk niet. Natuurgeweld en autonome ontwikkelingen kennen een eigen dynamiek en geruststellende verklaringen van overheidswege gelooft tegen die tijd niemand meer. Gelukkig heeft de markt nog wel een oplossing voor de meer gefortuneerden onder ons: een slimme Belg schreef drie bestsellers over het naderend onheil en investeerde de opbrengst daarvan op de enige plek op aarde die volgens hem veilig is: de Drakensbergen in Zuid-Afrika. Boven de 2000 m. kocht hij grond en bouwde hij container huizen die eind dit jaar te huur zijn. Haast u, de tijd dringt en de plekken zijn schaars. En vergeet de kerstboom niet.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten